Zo, vandaag is het mijn beurt: Yasur is de naam, of ook wel Soeremans of Soer genoemd.
De man van de cattery, de enige echte. Nou ja echte, er ontbreekt inmiddels wat essentieels dus stamhouderschap zit er voor mij niet meer in. Maar de leider ben ik en blijf ik, onbetwist.
Vanochtend vond ik het weer eens tijd om met de hond uitlaten mee naar buiten te glippen. Dat is een vast ritueel: ik verberg me tussen de onderste treden van open trap die pal naast de voordeur zit. Vrouwtje opent de voordeur voor de hond, terwijl ze met de riem voor de traptreden heen en weer zwaait, want inmiddels is zij ook niet meer zo heel dom en weet ze ook wel dat ik daar zit.
Maar er zijn altijd van die ochtenden dat ze wat minder uitgeslapen is dan anders, het is gewoon een kwestie van geduld. Vanochtend was het weer zo’n ochtend.
ROEFFFFFFF en weg was ik, tussen de benen van de hond door, meer dan een fractie van een seconde heb ik daar niet voor nodig hoor.
Nou doe ik dat alleen in het pikkedonker, anders is er natuurlijk geen fluit aan. Eerst hoor ik dan een luid gefoeter en moet ze weer naar binnen om een zaklantaarn te halen. Na een paar tellen komt ze als een totaal anders mens naar buiten om vervolgens met een suikerzoete stem “Yasur, Yasuuuuur…. Soeremans…. kom dan mannetje, kom maar…” te roepen. Vroeger trapte ik daar nog wel eens in, maar reken maar niet dat ik nu gelijk kom, niet nadat ik eerst wat sprintjes over het veld en door de moestuin heb getrokken. Daar eindig ik dan altijd, midden in de moestuin ga ik staan wachten totdat de bundel van de zaklantaarn me gevonden heeft en ze onder licht gemopper met haar pantoffels door de aarde moet spitten om me op te halen. Dat ik dan wel weer naar binnen wil, heb ik dan allang besloten maar ze moet er natuurlijk wel een beetje moeite voor doen zodat ze het gevoel heeft dat ze me ‘gevangen’ heeft.
Ik kan er weer even tegen, over een week of twee krijg ik wel weer een nieuwe kans denk ik ![]()
Recente reacties